2 november 2026

Surveillance van exotische muggen in Nederland en de rol van automatische detectie

In grote delen van Zuid-Europa is de Aziatische tijgermug (Aedes albopictus) inmiddels gevestigd. In Nederland nog niet, en dat heeft alles te maken met gericht toezicht. De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is verantwoordelijk voor de preventie en bestrijding van een aantal exotische muggen, vastgelegd in de Wet publieke gezondheid. De uitvoering ligt bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit: het Centrum Monitoring Vectoren (CMV) onderzoekt waar exotische muggen voorkomen en inspecteert plekken waar ze kunnen opduiken.

Waar wordt gezocht

Exotische muggen liften mee met handel. Het CMV controleert daarom bedrijven in gebruikte banden (waarin regenwater blijft staan en eitjes overleven), importeurs van Lucky Bamboo, Schiphol, veilingen en de Rotterdamse haven. Vondsten worden bestreden voordat een populatie zich kan vestigen.

Hoe wordt gezocht

Klassieke surveillance werkt met vallen die periodiek worden geleegd en waarvan de vangst door een specialist wordt gedetermineerd. Dat is betrouwbaar, maar arbeidsintensief: iemand moet langs elke val, en tussen twee rondes blijft een vondst onopgemerkt.

Wat een camera toevoegt

Een val met camera en beeldherkenning kijkt continu. De Faunabit Tijgermuggenval lokt muggen met water om eitjes in te leggen, fotografeert de vangplaat en onderscheidt muggen van het geslacht Aedes van overige muggen en insecten. Zodra zo'n mug wordt herkend, gaat er een melding met foto naar de beheerder. De specialist bevestigt de soort op basis van de foto en bepaalt of een bezoek nodig is.

Belangrijk om eerlijk te zijn over de grenzen: de herkenning werkt op groepsniveau. De camera zegt "dit lijkt een Aedes", niet "dit is een tijgermug". Het verschil met klassieke surveillance zit niet in de determinatie, maar in de timing: een vondst wordt binnen uren zichtbaar in plaats van bij de volgende ronde, en de rondes zelf kunnen zich richten op locaties waar iets te zien is.

Van proof of concept naar praktijk

De Faunabit Tijgermuggenval is ontwikkeld als proof of concept voor de Nederlandse overheid, op basis van een bestaande BIOMON-val. Opschaling vraagt om validatie op echte risicolocaties, samen met de organisaties die daar nu het toezicht uitvoeren.

Lees meer over vectormonitoring en plaagsurveillance en de tijgermuggenval.

Vragen uit de praktijk

Als de camera geen soort herkent, wat hebben we er dan aan?

Snelheid en focus. Een melding met foto komt binnen uren in plaats van bij de volgende ronde, en uw specialist beoordeelt de foto voordat iemand de weg op gaat. Rondes kunnen zich richten op locaties waar iets te zien is.

Hoe betrouwbaar is de herkenning van het geslacht Aedes?

De herkenning is getraind op GBIF- en muggenalarmgegevens en onderscheidt drie groepen. Hoe goed dat op uw locaties werkt, met uw lichtomstandigheden en soortensamenstelling, moet in een validatie blijken; daar zijn we open over.

Kan de val op een bandenbedrijf of in een haven staan zonder stroom?

Ja. De val werkt op accu met zonnepaneel en verstuurt via 4G. Hij heeft geen aansluiting nodig en kan op een rustige plek op het terrein staan.

Wat is de status: kunnen we dit nu afnemen?

De tijgermuggenval is een proof of concept voor de Nederlandse overheid. Voor inzet op echte risicolocaties stellen we samen een validatietraject voor; daarna volgt opschaling.

← Alle blogs

Stephan Peterse
Oprichter, Faunabit B.V.

Liever overleggen?

Ik denk graag met u mee over uw meetvraag. Bel, mail of stuur een bericht via het formulier; u krijgt altijd een persoonlijke reactie.